HomeShare
Magazine

Imec Smart City Meter

Eerste peiling over slimme stadsdiensten: 88% is bezorgd over privacy – maar 63% is toch bereid data te delen

Scroll

Smart cities (ofwel slimme steden) zijn hot. Beleidsmakers, bedrijven en onderzoekers bekijken volop hoe ze nieuwe technologieën – van sensoren tot slimme algoritmen – kunnen inzetten om stedelijke uitdagingen zoals mobiliteit, duurzaamheid en veiligheid fundamenteel aan te pakken. Maar uiteindelijk staat of valt het hele smart city-verhaal met de betrokkenheid van de burgers, en hun bereidheid om slimme stadsdiensten ook effectief te gebruiken. Hoog tijd dus om ons de vraag te stellen in hoeverre burgers überhaupt mee zijn met de smart city-evolutie.

Om op die vraag een adequaat antwoord te formuleren, peilde het Smart City onderzoeksteam van imec - SMIT - VUB bij 742 respondenten naar hun ervaringen met – en perceptie ten opzichte van – de slimme stad en slimme stadsdiensten, en bundelden hun observaties in de allereerste imec ‘Smart City Meter’. Opvallend: de term ‘smart city’ of ‘slimme stad’ klinkt reeds bekend in de oren, maar burgers weten nog niet goed wat dit precies inhoudt. Ook het gebruik van slimme stadsdiensten (waaronder Uber, deelfietsen, enz.) is voorlopig nog beperkt – maar de ervaring is zeer positief.

De burgers staan alvast open voor de slimme stad en willen daar ook actief aan bijdragen: 63% is bereid om zijn of haar data te delen voor slimme stadsdiensten die het leven en werken in de stad een stuk makkelijker maken. Uit de Smart City Meter blijkt echter ook dat dit dient te gebeuren met het nodige respect voor de privacy van die burgers: 88% van de respondenten geeft immers aan sterk begaan te zijn met – en bezorgd te zijn om – zijn/haar privacy. Pieter Ballon (imec - SMIT - VUB) laat voor ons zijn licht schijnen op de Smart City Meter onderzoeksresultaten.

Smart cities: niet langer de grote onbekende

Uit de resultaten van de imec ‘Smart City Meter’ blijkt alvast dat het smart city-concept niet langer de grote onbekende is: 78% van de respondenten heeft er al eens van gehoord. Desondanks is minder dan de helft van diegenen die het begrip denken te kennen, volgens zichzelf in staat het smart city-gegeven te definiëren. Niet toevallig zijn het vooral stadsbewoners én mensen die snel mee zijn met nieuwe, technologische trends die beter op de hoogte zijn van wat een slimme stad te bieden heeft.

Wanneer we onze respondenten vroegen om de voornaamste eigenschappen van een slimme stad op te lijsten, sprongen in de eerste plaats de onderliggende technologische componenten in het oog: maar liefst 40% legt onmiddellijk de link met technologie. In tweede instantie wordt het smart city-concept gekoppeld aan een verhoogde efficiëntie van de stad (30%). Duurzaamheid (15%) en veiligheid (3,6%) worden al een heel stuk minder met slimme steden geassocieerd.

82% heeft ooit al een smart city-toepassing gebruikt

De meeste mensen die aan het onderzoek meewerkten hebben dus al van het smart city-concept gehoord. En bovendien blijkt dat heel wat mensen zelfs al digitale stadstoepassingen hebben gebruikt: voor maar liefst 82% van de ondervraagden is dat het geval.

Mobiliteit is het domein bij uitstek waarvoor slimme stadstoepassingen worden gebruikt. Vooral de realtime informatie die deze apps bieden, wordt naar waarde geschat. Zo worden bijvoorbeeld de applicaties van openbare vervoersmaatschappijen (NMBS, De Lijn, MIVB) door 66% van de respondenten frequent gebruikt – ongeacht wagenbezit. Applicaties om verkeersinfo op te vragen, zoals Waze of Tomtom Live, worden door 45% gebruikt. Daarnaast zien we dat ook sport- en gezondheidsapps (zoals Runkeeper en Strava) én applicaties die gebruikers wegwijs maken binnen een stad (zoals Yelp en Tripadvisor) populair zijn bij een ruim publiek (respectievelijk 34% en 32%).

Het privacy paradigma: 88% is bezorgd over zijn of haar privacy in de slimme stad – maar …

Het hoeft niet te verbazen: in een maatschappij waarin we elke dag tientallen digitale vingerafdrukken achterlaten – door te betalen met onze bankkaart, te surfen op het internet, of door ons eenvoudigweg te verplaatsen van de ene gsm-mast naar de andere – zijn mensen zich een stuk bewuster geworden van de waarde van privacy. Als er dus één cijfer uit de imec Smart City Meter tot de verbeelding spreekt, dan is het wel dat maar liefst 88% van de deelnemers aan de enquête bezorgd is over zijn of haar privacy in de slimme stad.

Maar minstens even interessant is de vaststelling dat 63% bereid is om zijn of haar gegevens toch met de stad of gemeente te delen – afhankelijk van hoe die data gebruikt worden. Voor de dienstverlening of de leefbaarheid in de stad te verbeteren, bijvoorbeeld, maar ook voor mobiliteitsdoeleinden en veiligheid zijn gebruikers bereid hun gegevens te delen. Voor het ondersteunen van de lokale economie willen ze hun gegevens dan weer niet prijsgeven.

Conclusie: gebruikers zien minder kwaad in het delen van gegevens met de gemeente dan in het delen van gegevens met een meer anonieme applicatie. We zien hierbij geen opvallend verschil op basis van het innovatieprofiel: zowel bij ‘early adopters’ als het grote publiek is de bereidheid vrij groot om gegevens met de stad of gemeente te delen.

Maar welke informatie willen gebruikers wel delen – en welke niet? Volgens de respondenten van de imec Smart City Meter is het delen van context minder een probleem; maar wat het delen van content betreft, liggen de zaken enigszins anders. Concreet is meer dan de helft van de gebruikers bereid om data rond bijvoorbeeld hun locatie, verplaatsingen en transportmiddelen te delen. En hetzelfde geldt voor zaken zoals het energieverbruik van de woning. Persoonlijke berichten zoals op sociale media, echter, wil slechts 20% laten inkijken. De bewoners van onze toekomstige slimme steden zijn dus allerminst naïef: slechts 5% van de ondervraagden blijkt zich helemaal geen vragen te stellen bij zijn of haar privacy.

Slimme stadsdiensten scoren hoog qua klantentevredenheid – met een algemene score van 8,2 op 10

Wanneer mensen gebruik maken van slimme stadsdiensten, dan worden die overwegend als zeer positief beoordeeld – met een algemene klantentevredenheid van 8,2 op 10. Maar desondanks blijkt uit de enquête eveneens dat het gebruik van één dienst niet onmiddellijk een katalysator is voor het gebruik van andere (deeleconomie)toepassingen: slechts 29% van de respondenten heeft twee of meerdere van zulke diensten gebruikt.

Die zogeheten ‘deeleconomie’ is een belangrijk onderdeel van smart cities. Diensten zoals Uber en AirBnB zijn al enkele jaren aan een sterke opmars bezig, en uit onze bevraging kunnen we concluderen dat meer dan 90% van de respondenten gehoord heeft van concepten als deelfietsen, autodelen of alternatieve taxidiensten. Toch vertaalt zich dat niet onmiddellijk in het gebruik ervan: de conversieratio tussen kennis en gebruik varieert van 15% tot maximaal 48% (met een gemiddelde van ca. 30%). De belangrijkste reden voor het niet gebruiken van deze diensten is het feit dat er door de gebruiker momenteel geen nood gevoeld wordt.

Ook nieuwe vormen van ‘online’ levering/besteldiensten zijn beperkt bekend. 37% van de respondenten geeft aan één of meerdere van dergelijke diensten (Parcify, Parcelhome, enz.) te kennen – waarbij de ‘pakjesautomaat’ van overheidsbedrijf Bpost bij uitstek de meest bekende dienst is. Nieuwere initiatieven zoals BringMe en Bringr zijn nog relatief onbekend. Slechts een kwart van de respondenten die deze kennen, heeft deze minstens al één keer gebruikt. Zowel online deelplatformen zoals Peerby of Tournevie (een uitleendienst voor gereedschap) als alternatieve valuta zoals Lets of Bitcoins zijn quasi onbekend. Zo is het delen van goederen via een deelplatform slechts door een 6% van de respondenten gekend, waarbij het overgrote deel (meer dan twee derde) er nog geen gebruik van heeft gemaakt.

Over de imec Smart City Meter

De imec Smart City Meter is een initiatief van imec - SMIT - VUB en kadert binnen het Smart Flanders-initiatief (https://smart.flanders.be/). De online vragenlijst werd afgenomen bij het imec.livinglabs-panel tijdens de periode november-december 2016. In totaal werden 742 respondenten weerhouden, waarvan 61% mannen en 39% vrouwen. De gemiddelde leeftijd van de respondenten bedraagt 40 jaar, maar er is een spreiding van 18 tot 78 jaar. Een kwart van de respondenten is tussen 22 en 28 jaar oud. De helft van de respondenten woont in, of vlakbij, één van de 13 Vlaamse centrumsteden of Brussel. Een groot deel van de respondenten (64%) wordt gekenmerkt door een innovatief profiel, zijnde een zogenaamde innovator of early adopter.

 

Imec Smart City Meter

 

Exemplaren van de imec Smart City Monitor (abstract en ondersteunende slides) zijn te verkrijgen op aanvraag. Stuur hiervoor een mailtje naar info@imec.be.

Bio: Pieter Ballon

Professor Pieter Ballon is directeur van de onderzoeksgroep imec - SMIT - VUB. Hij is gespecialiseerd in proeftuinonderzoek, economische modellering, open innovatie en de telecomindustrie. Hij is betrokken bij meerdere lokale en internationale onderzoeksprojecten en heeft heel wat publicaties op zijn naam staan. Pieter Ballon is de internationale secretaris van ENoLL, het Europese netwerk van proeftuinen en de eerste ‘Smart City Ambassadeur’ van het Brusselse Gewest. Pieter heeft een PhD in communicatiewetenschappen en een MA in moderne geschiedenis. Hij is tevens auteur van het boek: ‘Smart Cities: hoe technologie onze steden leefbaar houdt en slimmer maakt’ (http://www.lannoo.be/smart-cities).

Gerelateerd