Wie kent er nog de telefoon die in een hoek van de kamer stond (aan een draad!), met draaischijf om een nummer te draaien, en – natuurlijk – het telefoonboek ernaast om een nummer op te zoeken? Op het vlak van communicatie is de wereld de voorbije 30 jaar enorm veranderd. We zijn nu altijd en overal verbonden met elkaar. Ga je wandelen in het bos en raak je verdwaald? Geen probleem: je belt even om hulp of je opent je google maps en weet onmiddellijk waar je bent en krijgt zelfs instructies over hoe terug thuis te geraken. Dat was 30 jaar geleden ondenkbaar. 

Maar toch zijn we nog niet helemaal tevreden. Het gebeurt ook wel vaak dat de verbinding wegvalt of er op sommige afgelegen plaatsen geen verbinding is. Dat zal in 2035 geen probleem meer zijn. Telecomoperatoren zullen dan gaan werken met meer antennes, die kleinere oppervlaktes moeten bedienen. Ook zal er veel meer aandacht besteed worden aan een stabiel en zuinig netwerk, dat data aan de juiste snelheid kan doorsturen. Vandaag zitten de reclameslogans van telecomoperatoren vaak vol van ‘gigabitsnelheden’ terwijl je die niet echt nodig hebt. Maar je wil wel altijd en overal, en zonder onderbreking, naar een film kunnen kijken, naar een liedje luisteren, een videogesprek voeren met je broer aan de andere kant van de wereld. 

De menselijke bandbreedte – de snelheid waarmee data moeten verstuurd worden zodat onze zintuigen het als normaal ervaren – is zo’n 100 Mbps. We willen geen gigabitsnelheden maar 100 Mbps altijd en overal en ononderbroken. 

 

imec-2035-header-10

 

Als we natuurlijk met een augmented reality-bril gaan rondlopen of een hologram van die broer in het buitenland willen oproepen, dan hebben we wel een netwerk nodig dat heel veel en heel snel data kan doorsturen. De AR-brillen zullen ons info tonen die ze in een massa data zijn gaan zoeken en intelligent uitgefilterd hebben. Het is dan geen goed idee om alle intelligentie in grote centrale datacenters te stoppen want dan moet er heel veel data van en naar die datacenters gaan. Het is dan beter om zo veel mogelijk intelligentie – in dit geval in de bril - te stoppen of in punten die zich dichtbij bevinden. Ook voor toepassingen zoals zelfrijdende auto’s moet de intelligentie en het verwerken van de data zich zo dicht mogelijk bij de auto bevinden. Hier is het immers van (levens)belang dat er geen vertraging zit op de signalen. 

Dankzij nieuwe technologie zullen we dus evolueren naar een stabiel en betrouwbaar netwerk dat bepaalde eigenschappen heeft die zijn afgestemd op de specifieke toepassing. 

Zullen de antennes en glasvezelnetwerken onder de grond er nog hetzelfde uitzien in 2035? We zullen er immers enorm veel moeten installeren om de kleinere stabiele cellen te kunnen maken, tot in alle uithoeken van de wereld. Er werden al testen gedaan (door Bell Laboratories/Lucent Technologies) om koralen zo om te vormen dat ze data kunnen doorsturen. De verdere ontwikkeling ervan bleek (gelukkig?) industrieel niet haalbaar, maar wie weet zullen we in de toekomst – in dat bos waar je nooit meer kan verdwalen – wel bomen hebben die takken hebben als antennes en wortels als glasvezelkabels. Of toch maar liever af en toe geen verbinding? 

Deze website maakt gebruik van cookies met als enige doel het analyseren van surfgedrag, zonder enige commerciële insteek. Lees er hier meer over. Lees ook ons privacy statement. Sommige inhoud (video's, iframes, formulieren,...) op deze website zal pas zichtbaar zijn na het accepteren van de cookies.

Accepteer cookies